Voortvarend aan de slag voor natuurherstel in het Haringvliet

Haringvliet

In het Haringvliet werken betrokken partijen vol energie samen aan een dynamische delta. En met succes. In de afgelopen jaren zijn allerlei concrete projecten gerealiseerd en sinds begin 2019 gaan de Haringvlietsluizen voorzichtig en gecontroleerd open bij vloed. Hoe gaat het nu met de visdoortrek en het zoutgehalte in het Haringvliet? Hoe verloopt het herstel van de natuur? Hoe werkt iedereen hierin samen en wat zijn de plannen voor de toekomst? Een ding is duidelijk: het Haringvliet leeft!

In dit artikel lees je meer over de monitoring van de vismigratie en de zoutindringing door Rijkswaterstaat, de projecten die Rijkswaterstaat uitvoert vanuit de Kaderrichtlijn Water (KRW), de activiteiten van de Landschapstafel Haringvliet, de afronding van het Droomfondsproject en de visie als achtergrond van de oprichting van Nationaal Park NLDelta.

Wat is de optimale kieropening van de Haringvlietsluizen binnen de randvoorwaarden?

Hoe zwemmen de vissen?

Aniel Balla, senior adviseur waterkwaliteit bij Rijkswaterstaat, geeft een toelichting op de monitoring:  ‘We onderzoeken welke vissen door de kier gaan en wanneer ze dat doen. Sommige vissoorten, zoals zalm en zeeforel, kunnen goed zwemmen en gaan makkelijk door de kier. Andere soorten, zoals haring, zijn kleiner en kunnen minder hard zwemmen. Zij zijn daarmee veel afhankelijker van de stroming. We monitoren het gedrag en de trekroute van grote vissen door ze te volgen met een zender. Kleine vissen kunnen we niet uitrusten met een zender. Daarom gaan we ook sinds dit jaar met een bootje de sluis in. Daar vissen we met netten zodat we zien welke vissen naar het Haringvliet zwemmen op het moment dat de sluizen open gaan. Op deze manier krijgen we een steeds completer beeld. En kwamen we erachter dat een grote verscheidenheid aan vissen gebruik maakt van de kier.’

Optimaal bedienprotocol

‘Naast het zwemgedrag onderzoeken we het paai- en opvoedgedrag van de verschillende vissoorten en kijken we naar de vismigratiekalender,’ vervolgt Aniel. ‘Ook monitoren we het zoutgehalte. Hoeveel zout komt er naar binnen als de sluizen op een kier staan en hoe gedraagt het zout zich in verschillende situaties? Het is immers belangrijk om de verzilting goed te kunnen beheersen. Dit om te voorkomen dat het zout te veel oostelijk, bij de innamepunten voor zoetwater, komt. Alle opgedane kennis benutten we voor het verder optimaliseren van het bedienprotocol van de Haringvlietsluizen. In het beste protocol hebben we de belangen van waterveiligheid, zoetwater en natuur optimaal op elkaar afgesteld.’

Lerend implementeren

Aniel is positief over hoe het project zich ontwikkelt. ‘Juist omdat de sluizen bijna dagelijks een beetje open gaan, kunnen we elke dag monitoren en doen we veel kennis op. Het onderzoek loopt nog een aantal jaar, maar stapje voor stapje komen we steeds meer te weten. Deze kennis zetten we in voor het Haringvliet en kunnen we ook weer gebruiken voor volgende projecten over zoutgedrag en het ecologisch herstel van een estuarium. We noemen dit ook wel lerend implementeren. Daarnaast ben ik ook heel tevreden over de prettige manier van samenwerken met alle organisaties die betrokken zijn bij de monitoring.’  

Aanleg strekdam Haringvliet

KRW-projecten versterken Kier en andersom

In het Haringvliet en Hollandsch Diep heeft Rijkswaterstaat de afgelopen jaren vanuit de Kaderrichtlijn Water (KRW) verschillende projecten uitgevoerd die het Kierbesluit versterken en andersom. Chantal van der Linden, projectmanager KRW bij Rijkswaterstaat, licht dit toe: ‘Via verschillende KRW-projecten verbeteren we de ecologische waterkwaliteit en versterken daarmee het doel van de Kier. In het Haringvliet hebben we vogeleilanden, visbossen en een strekdam aangelegd die bijdragen aan de ecosystemen. Een visbos bijvoorbeeld, vormt het leefgebied voor vissen en insecten. Daarvoor hebben we dood hout verankerd op de bodem van de rivier. Met het visbos herstelden we een belangrijke schakel in de voedselketen en maken we het gebied weer aantrekkelijk voor diverse trekvissen.’

Aanleg 9 kilometer lange strekdam in het Haringvliet

Luwe zones en vogeleilanden

‘Ook de 9 kilometer lange strekdam is ecologisch gezien erg interessant voor waterplanten en verschillende vissoorten,’ vervolgt Chantal. ‘In de strekdam zijn openingen gemaakt, zogenaamde “luwe zones”. Vissen vinden hier voedsel en het is een goede plek om te paaien en jonge vissen op te laten groeien. Daarnaast legden we ook vogeleilanden aan in het Haringvliet. Vogels, zoals de visdief, kunnen deze eilanden als broedplaats gebruiken. Al deze projecten hebben een positief effect op het gebied. Het aantal plant- en diersoorten in het Haringvliet en Hollandsch Diep is toegenomen en dat is goed nieuws.’

Korendijkse Slikken © Natuurmonumenten, Jan de Roon

Landschapstafel Haringvliet

Het herstellen van de deltanatuur in het Haringvliet staat voorop voor de Landschapstafel Haringvliet. Binnen deze Landschapstafel werken allerlei partners uit de regio, zoals ondernemers, natuurorganisaties, Provincie Zuid-Holland en de omringende gemeenten, hier intensief voor samen. Het is een brede samenwerking, waarin elke partner vanuit zijn eigen visie meedenkt over oplossingen. Het doel van de Landschapstafel was om in de aanloop naar het Kierbesluit, het gebied meer beleefbaar te maken. Ook de Nationale Postcode Loterij steunde vanuit het Droomfonds deze ambitie. Stefan Vreugdenhil, werkzaam bij Vogelbescherming Nederland en programmamanager Landschapstafel Haringvliet, legt uit: ‘We willen de natuur verrijken en het gebied aantrekkelijker maken voor bezoekers en ondernemers. Samen pakken we projecten echt integraal op. En met succes, iedereen is erg tevreden over de samenwerking en de bereikte resultaten tot nu toe.’

De steun van het Droomfonds van de Nationale Postcode Loterij maakte het voor zes samenwerkende natuurorganisaties mogelijk fors te investeren in de natuur, natuurbeleving en recreatieve voorzieningen van het Haringvliet. Hierdoor krijgt ook de lokale economie, het voorzieningenniveau en de leefbaarheid een stimulans. En groeit het draagvlak onder bewoners, ondernemers en bestuurders om het Haringvliet verder ecologisch te herstellen tot een dynamisch Haringvliet. Ook na de Droomfondsperiode blijven de natuurorganisaties zich onverminderd inzetten voor het Haringvliet. Meer weten? Kijk op de website “Haringvliet: naar een dynamische delta”.

Vogelobservatorium Tij © Ro&Ad Architecten, M. Koelink

Vogelobservatorium Tij in de race voor architectuurprijs

Een van de gerealiseerde projecten in het Haringvliet is het vogelobservatorium Tij. Tij is een iconische locatie in natuurgebied Scheelhoek van Natuurmonumenten. Het observatorium is meer dan acht meter hoog, elf meter lang en heeft 360-graden uitzicht over het Haringvliet en de Haringvlietsluizen. ‘De locatie is een echte trekker, er komen veel mensen op af. Ook horecaondernemers in Stellendam merken dat,’ vertelt Stefan. ‘Waar we ook erg trots op zijn, is dat Tij genomineerd is voor BNA Beste Gebouw 2020, de Nederlandse Architectuurprijs van de Branchevereniging Nederlandse Architectenbureaus. Er kan nog tot en met 7 oktober gestemd worden! Juist doordat het ontwerp zo bijzonder is, trekken we ook andere doelgroepen, die anders niet zo snel naar dit soort plekken zouden komen. Ze komen nu voor de architectuur, maar krijgen hierdoor ook meer beleving bij het Haringvliet.’ 

 

 

Kinderen op een vlot in het Haringvliet © Natuurmonumenten, Janko van Beek

Samen verder

‘De kracht van ons programma is de nauwe samenwerking. Hierdoor hebben we met elkaar door het hele gebied heen concrete resultaten kunnen boeken,’ vertelt Stefan. ‘We kijken nu naar het vervolg, want we hebben meer ambities, en volop plannen voor nieuwe projecten. We stellen een nieuw dynamisch programma op dat we eind 2020 willen afronden, met als doel om de deltanatuur verder te versterken en het gebied nog aantrekkelijker te maken voor bezoekers. Ook zijn we als Landschapstafel verbonden aan de ambities van NLDelta en het oprichten van een nieuw Nationaal Park. Dit soort samenwerkingsverbanden hebben we alleen maar meer nodig in de toekomst. Het werkt om de opgaven in gebieden echt aan te pakken!’

De partners binnen NLDelta die het programmateam vormen zijn Natuurmonumenten, Wereld Natuur Fonds, Staatsbosbeheer, gemeente Dordrecht en Provincies Zuid-Holland en Noord-Brabant.

Vogelobservatorium Tij © Natuurmonumenten, Jan Willem Houweling

Klimaatbestendig NLDelta

‘Met de natuurvisie van NLDelta wordt voorgesorteerd op de middellange en lange termijn. Hierin krijgen we te maken met de effecten van klimaatverandering, zoals zeespiegelstijging en hogere piekafvoeren van de rivieren,’ licht Bas Roels van Wereld Natuur Fonds toe. ‘Hoe wij deze opgaven het hoofd bieden, kan heel goed samengaan met het ecologisch herstel van het Haringvliet. Door te kijken of je meer ruimte voor water kan creëren bij dijkverhoging of de aanleg van dynamische dijkzones, kun je ook het natuurherstel vormgeven. En daarmee verder groeien in een aantrekkelijk landschap om te wonen en op vakantie te gaan. In het kader van de Gebiedsagenda Zuidwestelijke Delta 2050 is die ontwikkelrichting nu ook opgehaald en ook binnen het Deltaprogramma wordt hier over nagedacht. Het Deltaprogramma Zoetwater onderzoekt ondertussen al hoe op de korte termijn het kieren nog verder geoptimaliseerd kan worden voor visintrek. Hiervoor zijn kansen gecreëerd met de op Prinsjesdag aangekondigde Klimaatbestendige Zoetwateraanvoer Hoofdwatersysteem.’