Mooie innovatieve technieken in Proeftuin Zoet Water

Proeftuin Zoet Water

De vraag verminderen en de beschikbaarheid vergroten

Zorgen voor zoetwaterbeschikbaarheid is een belangrijk speerpunt in het landelijke Deltaprogramma. Ook in de Zuidwestelijke Delta is hier veel aandacht voor. Het programma Proeftuin Zoet Water onderzoekt sinds 2014 geschikte methoden en maatregelen om de beschikbare hoeveelheid zoet water te vergroten en de behoefte te verminderen. Hoe staat het er nu, vijf jaar later, voor? Vincent Klap, senior beleidsadviseur water bij de Provincie Zeeland, praat ons bij.

 

‘Met het programma Proeftuin Zoet Water ontwikkelen we al enkele jaren via projecten diverse innovatieve technieken en maatregelen om de zoetwatersituatie te verbeteren,’ vertelt Vincent. ‘Zo bracht het project FRESHEM de ondergrondse zoetwaterbeschikbaarheid in Zeeland in kaart. Deze kaart toont waar in Zeeland zoetwaterbellen aanwezig zijn en welke gebieden een zoute ondergrond hebben. Daarnaast onderzochten we welke aardappelrassen toleranter zijn voor een zoute ondergrond en of we die zouttoleranter kunnen maken. Boeren in deze gebieden kunnen ervoor kiezen specifieke rassen te verbouwen. Het project Go Fresh rondden we eind vorig jaar af. We onderzochten drie innovatieve technieken om water uit de omgeving ondergronds op te slaan voor de landbouw in tijden van droogte. Alle drie de technieken hebben potentie voor toepassing op meer plekken in de Zuidwestelijke Delta. Verder onderzoek moet uitwijzen of de technieken ook rendabel zijn voor boeren en tuinders.’

Zoet water opslaan in zoute ondergrond

Ook dit jaar voert het programma Proeftuin Zoet Water verschillende projecten uit. Een van de veelbelovende proeven is het opslaan van zoet water onder een voetbalveld in Arnemuiden. Vincent vertelt: ‘Het drainwater uit de velden, aangevuld met regenwater van de nabijgelegen parkeerplaats en de sporthal, wordt opgevangen en diep onder de grond van het voetbalveld opgeslagen. Zo creëren we een kunstmatige zoetwaterbel in een zoute ondergrond. Vanwege de zoute grond verzilt een deel van het zoete water. Met deze proef onderzoeken we hoeveel procent van het ingebrachte water zoet blijft. Blijft de helft zoet, dan is dat in deze situatie al voldoende. En kan de voetbalvereniging in de zomer het grondwater op een ingenieuze wijze met ondergrondse druppelirrigatie toedienen aan het hoofdveld. Dit bespaart niet alleen kosten, maar ook doet de vereniging in de zomer minder beroep op het schaarse drinkwater. Een win-winsituatie dus. Blijkt deze proef succesvol, dan is dat baanbrekend en niet alleen voor sportvelden! We kunnen dit dan in veel meer “zoute” ondergronden in Zeeland gaan toepassen. We verwachten de eerste resultaten van de ondergrondse opslag in 2020. Het bepalen van de effectiviteit van de toediening vereist een droge zomer en is daarom minder goed te voorspellen.’

Andere veelbelovende proeven

Andere veelbelovende proeven zijn de Waterhouderij in Serooskerke, DeltaDrip in Philippine en Meer fruit met minder water dat in Zeeuws-Vlaanderen en de Bevelanden wordt uitgevoerd. De Waterhouderij mikt op verhoging van het grondwaterpeil, afhankelijk van de weersverwachtingen. De proef moet uitwijzen of dit in de praktijk ook echt werkt en of we op tijd kunnen inspelen op intense neerslag. Deltadrip is een proef met ondergrondse druppelirrigatie. In deze proef onderzoeken we of we via een ondergronds irrigatiesysteem de gewassen gerichter kunnen voorzien van voldoende zoet water om zo de zoetwaterefficiëntie te verhogen. Bij Meer fruit met minder water kijken we naar de vochtcapaciteit van de ondergrond, daar waar de wortels zich vestigen. Zit er veel organische stof in de grond, dan blijft daar meer water aan hangen. Door schimmels aan de ondergrond toe te voegen, kun je de wateropname door fruitbomen verhogen. Daarnaast onderzoeken we of we fruitbomen gerichter kunnen besproeien. Hiermee bespaart de fruitteler water en kosten.’ Een ander nieuw project is Drainstore in Kruiningen, waarin drainwater uit een landbouwperceel wordt opgevangen en dieper de ondergrond in wordt geïnjecteerd. Dit water is vervolgens beschikbaar voor onttrekking wanneer daar behoefte aan bestaat.

Van onderzoek naar uitvoering

Het Deltaplan Zoet Water, waar Proeftuin Zoet water onderdeel van uitmaakt, loopt tot 2021. Vincent: ‘Tot die tijd doen we vooral kennis op en onderzoeken we nieuwe technieken. Ik hoop dat in de tweede termijn van het Deltaprogramma na 2021 geld beschikbaar komt om de meest succesvolle maatregelen op grotere schaal toe te passen. Daarnaast hoop ik dat we alle opgedane kennis kunnen delen met nationale en internationale partners. Sommige oplossingen bieden namelijk wereldwijd kansen om de (zoetwater)problematiek op te lossen. Go-Fresh is daar een mooi voorbeeld van.’