‘We zien verbetering van ecologie en waterkwaliteit in het Veerse Meer’

Katse Heule

Publicatie Bekkenrapport Veerse Meer en Evaluatie peilbesluit

 

‘We hebben de ontwikkelingen in de periode 2000-2014 laten onderzoeken, waarin het Veerse Meer veranderde van een afgesloten meer in een meer met weer wateruitwisseling met de Oosterschelde via de Katse Heule,’ vertelt Eugène Daemen, adviseur Ecologie en Waterkwaliteit bij Rijkswaterstaat. ‘In 2008 werd ook een peilbesluit genomen. Dit hield in dat we vanaf 2008 in vier jaar het winterpeil van NAP -0.60m naar NAP -0.30m verhoogden. De uitkomst van de evaluatie is dat we het peilbesluit van 2008 handhaven. Het zomerpeil blijft NAP -0.05m en het winterpeil blijft NAP -0.30m. Door de uitwisseling blijft een ‘getij’ van 6 à 10 cm gehandhaafd.’

 

Naast de ontwikkelingen van ecologie en waterkwaliteit zijn ook het grondwater en de gewasopbrengsten van landbouwpercelen rond het meer na invoering van het Peilbesluit in 2008 onderzocht. Eugène: ‘Door de ingebruikname van de Katse Heule in 2004 zijn de waterkwaliteit en de ecologie al een stuk verbeterd. Door de wateruitwisseling tussen de Oosterschelde en het Veerse Meer via de Katse Heule varieert het waterpeil in het meer dus 6-10 cm. Hierdoor is er een voortdurende maar wel beperkte stroming in het meer.’

 

Soortenrijkdom is toegenomen

Het meer is zouter geworden en ook de schommelingen in het zoutgehalte zijn veel kleiner dan daarvoor. Hierdoor is de zoutwatersoortenrijkdom al snel na 2004 aanzienlijk toegenomen. ‘Zo zagen we al binnen een maand kwallen tot aan de Veersedam,’ vertelt Eugene. ‘En doordat nog steeds delen van het Veerse Meer droog vallen in de winter, trekt dit trekvogels aan die hier hun rustgebied zoeken.’ Ook leven er relatief veel exotische organismen in het Veerse Meer, zoals de Japanse oester en Japans bessenwier.

 

Betere waterkwaliteit

Vanaf 2004 verbeterde de waterkwaliteit in het Veerse Meer al snel sterk. Ook is het water een stuk helderder geworden. Eugène: ‘Het doorzicht is geregeld tot wel drie meter. Alleen in het voorjaar neemt het zicht tijdelijk af door de algenbloei. Maar dit is een heel natuurlijk proces, dat we ook van bijvoorbeeld de Oosterschelde kennen.’ De evaluatie toont verder aan dat de waterkwaliteit nauwelijks wordt beïnvloed door het Peilbesluit. Wel is het gebied dat ’s winters droogvalt nu kleiner. Dit betekent dat er minder bodemorganismen in de winter afsterven.

 

Grondwater en gewasopbrengst

De provincie Zeeland heeft als grondwaterbeheerder de invloed van het peilbesluit op het grondwater rond het meer onderzocht. Ook de ontwikkeling en opbrengst van gewassen op de landbouwgronden rond het Veerse Meer zijn meegenomen. De monitoring gebeurde in nauw overleg met de ZLTO en een werkgroep van betrokken landbouwers. De effecten van de winterpeilaanpassing in het groeiseizoen blijken beperkt voor de landbouw. Er traden lokaal wel schades op, maar hierbij speelden allerlei andere oorzaken.

 

Klimaatveranderingen

‘De klimaatveranderingen van de laatste jaren vormen een belangrijke factor om het peilbesluit onveranderd te handhaven,’ sluit Eugène af. ‘Zowel in de zomer als de winter zien we steeds vaker kortstondige, hevige regenbuien. We verlaagden de afgelopen jaren het peil al vaker tijdelijk 10 cm of meer. Dat was nodig voor een snelle afwatering van het omliggende landbouwgebied op het meer.’ Rijkswaterstaat en provincie Zeeland blijven, in overleg met maatschappelijke organisaties en de landbouwers, de ontwikkelingen van het Veerse Meer volgen.