Project GO-FRESH nieuwe fase in

Zoetwater

Zoetwaterbeschikbaarheid voor de landbouw verbeteren

Steeds meer agrariërs in de Zuidwestelijk Delta hebben, vooral in de zomer, moeite het land te voorzien van voldoende zoet water. Binnen het project GO-FRESH is de afgelopen zeven jaar onderzoek gedaan naar maatregelen om de zoetwaterbeschikbaarheid voor de landbouw te verbeteren. Boeren werkten nauw samen met de onderzoekers om potentiële oplossingen in de praktijk te testen. Dit leidde tot innovatieve oplossingen om de huidige en toekomstige zoetwatertekorten op te vangen. Afgelopen november werden de resultaten van het onderzoek gepresenteerd tijdens een symposium.

 

Met Gualbert Oude-Essink, projectleider GO-FRESH, hydrogeoloog bij Deltares en universitair hoofddocent aan de Universiteit Utrecht, blikken we terug én vooruit op het project. Gualbert: ‘Met GO-FRESH onderzochten we drie innovatieve oplossingen voor agrariërs om overtollig zoet water tijdens natte periodes op te vangen en ondergronds op te slaan. Dit alles om in periodes van schaarste het opgeslagen zoete grondwater weer te gebruiken. Op deze manier kunnen de agrariërs hun eigen percelen voorzien van zoet water en zijn ze minder kwetsbaar voor grillige weersomstandigheden en te verwachten klimaatveranderingen. We hebben agrariërs intensief bij het project betrokken om te laten zien hoe de drie oplossingen voor zoetwaterberging vervolgens rendabel gemaakt kunnen worden.’ De drie oplossingen zijn het Kreekrug Infiltratie Systeem, de Freshmaker en Drains2Buffer. Wat houden deze systemen precies in?

Het Kreekrug Infiltratiesysteem

Het Kreekrug infiltratie Systeem

Het Kreekrug Infiltratie Systeem (KIS) is getest in Serooskerke (Walcheren), bij de bedrijven van Sanderse en de gebroeders Louwerse. Bij dit systeem gaat het om verhoging van de grondwaterstand door zoet oppervlaktewater via regelbare, peilgestuurde drainage in het perceel te brengen. Gualbert: ‘Onder kreekruggen ligt meestal een zoetwaterlens. Dat is een bel zoet grondwater die bovenop het zoute grondwater drijft. Deze zoetwaterlenzen blijken vaak geschikt om extra zoet water in op te slaan. Het KIS pompt in de winterperiode overtollig water uit omliggende zoete sloten via omgekeerde drainage op het landbouwperceel, waardoor de zoetwaterlens zich verdiept. Met behulp van een horizontale onttrekkingsdrain kan een agrariër in droge periodes het zoete grondwater uit de zoetwaterlens onttrekken en gebruiken om het land te besproeien. Bij het onttrekken van het grondwater gelden overigens regels van waterschap Scheldestromen. Zo mag een agrariër alleen zoet grondwater onttrekken uit zoetwaterlenzen die dikker zijn dan 15 meter. Anders is het risico van en intering van de zoetwaterlens te groot door het vermengen van zoet grondwater met het onderliggende zoute grondwater.’ Het project FRESHEM bracht alle zoete grondwatervoorraden in Zeeland in kaart. In één oogopslag is nu te zien waar dit systeem potentie heeft. De resultaten van het KIS zijn zodanig positief dat opschaling van de maatregelen de volgende stap is.

De Freshmaker

De Freshmaker

‘Voor met name fruittelers kan de Freshmaker een interessante oplossing zijn om zoet water ondergronds op te slaan en het systeem aan te sluiten op beregeningsinstallaties,’ legt Gualbert uit. ‘Fruittelers hebben vooral in het voorjaar veel water nodig om hun bloesem te beschermen tegen nachtvorst, maar daarnaast ook in de zomer om fruit van een gewenste grootte te kunnen produceren. Bij de Freshmaker worden onder de landbouwgrond twee horizontaal gedrilde drainagebuizen geboord. De onderste buis onttrekt altijd zout water uit de bodem. Hierdoor ontstaat er in de ondergrond extra ruimte waar zoet grondwater in de bodem kan worden opgeslagen. De bovenste buis infiltreert in de natte periode zoet water, en onttrekt in de droge periode het zoete grondwater. Zo creëren we lokaal een grotere zoetwaterlens. Dit is een kleinere lens dan bij het Kreekrug Infiltratie Systeem, maar ruim voldoende voor de desbetreffende fruitteler waar we dit systeem testten, de maatschap Rijk-Boonman uit Ovezande (Zuid-Beveland). Fruittelers kunnen op deze manier de fruitbomen voorzien van voldoende water. Zelfs met de droogte van 2018 had deze fruitteler voldoende zoet water en dus vol gerijpte peren.’

Drains2Buffer

Drains2Buffer

Volgens Gualbert kan Drains2Buffer één van de meest geschikte maatregelen voor agrariërs in de Zuidwestelijke Delta worden: ‘Omdat in Zeeland veel landbouwgebieden onder zeeniveau liggen, hierdoor veel last van zout grondwater hebben en de zoete regenwaterlens dun is, is dit een geschikte oplossing om goed te blijven boeren. Drains2Buffer hebben we getest in Kerkwerve (Schouwen-Duiveland) bij de familie Van den Hoek. Bij dit systeem proberen we een kwetsbare, dunne zoetwaterlens die is ontstaan door regenval, het hele jaar met een diepe drainage zoveel mogelijk op peil te houden. Door de regelbare drainage goed af te stellen, creëert het systeem een zoetwaterbuffer tussen het zoute grondwater en de gewassen. Hierbij is het van belang dat niet sterk wordt gedraineerd en het grondwaterpeil niet extra verlaagd wordt. Dit kun je realiseren door in de regelput het drainageniveau aan te passen. Helaas hebben de resultaten het concept van de Drains2Buffer nog niet voldoende kunnen aantonen.’

Het Kreekrug Infiltratiesysteem

Kennis borgen en vergunningen aanpassen

‘De belangrijkste stappen die nu gezet zouden moeten worden is het borgen en delen van de kennis die wij met elkaar hebben opgedaan,’ benadrukt Gualbert. ‘Geen perceel is hetzelfde: de zoet-zout verdeling én de samenstelling van de ondergrond is altijd net weer anders. Ook de mate waarin het oppervlaktewatersysteem voldoende zoet blijft in de winterperiode varieert per locatie. Daarom is het van belang per agrariër te kijken wat er nodig is. We hebben vooralsnog geen kant en klare oplossing voorhanden die voor elk perceel werkt; het is echt maatwerk. Ook moeten adviseurs worden opgeleid, die boeren kunnen helpen met het in kaart brengen van de ondergrond en welke oplossing voor hen het beste kan werken.’ Waterschap Scheldestromen kijkt de komende periode opnieuw naar het verlenen van vergunningen. Boeren moeten immers een vergunning aanvragen voor het substantieel onttrekken van zoet grondwater. Gualbert: ‘Om de kennis te borgen hebben wij een eerste aanzet gedaan voor een wiki: www.go-fresh.info. Hierop staan alle oplossingen uitvoerig beschreven en kunnen agrariërs, met behulp van een calculator, uitrekenen hoeveel elke maatregel ongeveer zou kosten om uit te voeren.’

Eerste agrariërs aan de slag

‘De eerste agrariërs zijn erg blij met de oplossingen die we ontwikkeld hebben,’ vertelt Gualbert. ‘Maar we willen meer boeren helpen. Daarom hopen we volgend jaar meer boeren te enthousiasmeren om mee te werken aan de opschaling van deze maatregelen in de regio. Wij geven nu nog ad-hoc advies en zorgen dat boeren aan de slag kunnen om de systemen op te zetten. Op termijn hopen we het stokje over te geven aan opgeleide adviseurs. Daarnaast onderzoeken we de komende jaren hoe we de systemen nog robuuster en betaalbaarder kunnen maken. En of we de systemen met elkaar kunnen combineren. Onderdelen van de proeven die we in dit project hebben ontwikkeld, gaan we ook uitproberen in twee zuidelijke provincies van de Mekong Delta in Vietnam. Het project is dus nog volop in beweging! ‘

GO-FRESH Consortium

GO-FRESH bestaat uit een consortium van kennis- en opleidingsinstituten. In het consortium nemen deel: Deltares, KWR, Acacia Water, HZ University of Applied Sciences, Wageningen University & Research en ZLTO. De stakeholders zijn de Deltacommissaris (Deltafonds), Provincie Zeeland, de waterschappen Scheldestromen en Brabantse Delta, de gemeenten Schouwen-Duiveland, Veere en Borsele, STOWA en Meeuwse Handelsonderneming.