Vijf vragen aan wethouder Paula Schot van Schouwen-Duiveland

‘Samen staan we sterker voor een duurzame toekomst van onze prachtige regio.’

Paula Schot

Binnen de Zuidwestelijke Delta werken Rijk en regionale overheden samen met ondernemers en maatschappelijke partijen aan een veilig, economisch aantrekkelijk en gezond deltagebied. Wat is de rol van de gemeenten binnen deze samenwerking, en hoe kunnen alle partners elkaar versterken in het werken aan de klimaatambities? We legden vijf vragen voor aan wethouder Paula Schot van de gemeente Schouwen-Duiveland. Zij is sinds een jaar wethouder en lid van zowel het Regioteam als het Gebiedsoverleg Zuidwestelijke Delta.

1. Het Gebiedsoverleg heeft de ambitie om de eerste delta ter wereld te zijn die in 2050 is voorbereid op klimaatverandering. Wat vindt u van belang in de aanpak van die ambitie?

‘Allereerst sta ik volledig achter deze ambitie. Wat ik belangrijk vind is de zichtbaarheid van de Zuidwestelijke Delta. Veel inwoners in het gebied weten niet dat er een samenwerkingsverband is dat aan deze ambitie werkt. Ook vind ik het van belang dat we concreet aan de slag gaan en dat we de successen, ook al zijn ze klein, laten zien. Dan kunnen mensen zich er gemakkelijker een voorstelling van maken. We moeten grote besluiten voor de toekomst gaan nemen die veel geld kosten. 2050 lijkt ver weg, maar dat is het voor de aanpak van de grote opgaves niet. Als we onze doelen willen bereiken, moeten we onze inwoners mee hebben en meenemen, juist ook bij de kleinere stappen. De gemeenten kunnen hier een belangrijke rol in spelen, omdat wij de belangen van onze inwoners goed kennen. Zo werken we er samen aan om het verhaal van de klimaatverandering in de Zuidwestelijke Delta nog een stuk beter op het netvlies te krijgen.’

Natuurgebied Plan Tureluur op Schouwen-Duiveland © Monique Theuns

2. Hoe kijkt u aan tegen de rol van de gemeenten in het Gebiedsoverleg?

‘Moeilijk is dat alles nu nog niet zo concreet is. Van belang is tijdig te weten wat ons te doen staat. Het doel om de ambitie te halen heeft impact op de eigen omgeving en gaat dus ook over gemeentezaken. Zoals besluiten over de veiligheid van dijken. Daar hebben bijna alle gemeenten mee te maken. Hierbij is het van belang dat gemeenten vanaf het begin worden meegenomen, zodat we goed weten: wat betekenen de ontwikkelingen voor ons? Als gemeente wil je dan ook graag betrokken worden bij de agendering, en meedenken en -beslissen over de aanpak. Vervolgens kunnen we in de uitvoering een rol spelen, bijvoorbeeld door ruimte te geven aan pilots. Juist als je vroeg aan tafel zit, kun je daarop anticiperen, en helpen om met concrete ontwikkelingen aan de slag te gaan.’

Strand en duinen op Schouwen-Duiveland © Monique Theuns

3. Ook Schouwen-Duiveland heeft als doel om in 2050 klimaatbestending en waterrobuust zijn. Hoe kan de Zuidwestelijke Delta daarbij helpen?

‘Als gemeente is het nodig over je eigen grenzen heen te kijken. Als we als regio de handen ineen slaan krijgen we meer voor elkaar dan elke partner of gemeente apart. Als grotere regio zijn we een serieuzere gesprekspartner richting Den Haag en dat geeft meer kans op middelen van het Rijk. De Zuidwestelijke Delta is in feite de schakel tussen Rijksprogramma’s op het gebied van water, klimaatadaptatie en andere maatschappelijke opgaven en onze eigen regionale ambitie, programma’s en projecten. Concreet doet bijvoorbeeld de Zuidwestelijke Delta de aanvraag uit het Deltafonds voor zoetwatermaatregelen. Zoetwaterbeschikbaarheid is voor veel gemeenten in onze regio een uitdaging voor de toekomst. Voor het komende programma is er geld gevraagd voor de uitrol van de maatregelen uit de Proeftuin Zoet Water en het Deltaprogramma Zoet Water Zeeland. Heel goed om betrokken te zijn bij de aanpak van dit thema.’

4. Wat zijn voor jullie gemeente belangrijke thema’s of projecten binnen de Zuidwestelijke Delta waar jullie graag nauw bij betrokken willen zijn?

‘De zoetwaterbeschikbaarheid is voor onze gemeente erg urgent. Ook de andere brede opgaven zoals waterveiligheid zijn belangrijk. Actueel hierbij is bijvoorbeeld het recreatief suppleren, waarbij waterveiligheid wordt gecombineerd met recreatie. Binnen het Deltaprogramma is het motto voor de waterveiligheidsstrategie voor de Kust “zacht waar het kan - dat wil zeggen gebruik maken van zandsuppleties - hard waar het moet”. Zandsuppleties kunnen ook bijdragen aan een aantrekkelijke kust met mogelijkheden voor natuur, recreatie en toerisme, volgens de strategie, maar voor deze verbreding is nog geen ruimte in het huidige beleid. Als gezamenlijke gemeenten zoeken wij in de tussentijd een oplossing voor recreatief suppleren en werken hard aan een gemeentelijk “Zandfonds”. Dit Zandfonds is bedoeld om zandsuppleties te financieren voor het behouden en uitbreiden van onze Zeeuwse recreatiestranden. Voor Schouwen-Duiveland van groot belang, want onze inwoners willen veilig kunnen blijven genieten van het strand. Ook de reddingsbrigade wil het water altijd goed kunnen bereiken. Een ander voorbeeld is Getij Grevelingen. Doel van het project is de waterkwaliteit te verbeteren. Daarnaast is de ambitie dit te combineren met de mogelijkheid om getijdenenergie op te wekken, om zo bij te dragen aan de energieopgaven. Die ambitie omarmen wij, maar er moet nog veel onderzocht en ontwikkeld worden op het gebied van getijdenenergie. De Zuidwestelijke Delta kan een rol spelen richting Den Haag om landelijk aandacht te vragen voor dit soort gezamenlijke en bredere belangen.’

Paula Schot tijdens opnames van een video over Living Lab Schouwen-Duiveland

5. Hoe kunnen jullie als gemeente bijdragen om als regio in 2050 voorbereid te zijn op de klimaatverandering?

‘Wij werken bijvoorbeeld mee aan een klimaatpilot via de Broedplaats Zoet Water Schouwen-Duiveland. Hieronder vallen allerlei projecten, waaronder “Samenwerken voor zoet water – van pilots naar grootschalige toepassing”. Dit project richt zich op opslag van zoet water in de ondergrond. Er vindt veel onderzoek plaats en tientallen agrariërs zijn nauw betrokken. Binnen deze Broedplaats onderzoeken we ook hoe we ons als samenwerkingspartners beter kunnen organiseren, onder de noemer “werken als één overheid”. Alle inzichten die we opdoen, zowel over zoet water als de samenwerking, zijn ook relevant voor de rest van de Zuidwestelijke Delta. Elke gemeente kan via pilots bijdragen aan kennisontwikkeling. Van belang is om de opgedane kennis onderling te delen en af te stemmen welke opgave bij welke gemeente past. Zo koppelen we de grote opgaves aan concrete belangen. Als vertegenwoordiger van de gemeenten werp ik me graag op om de ideeën en belangen binnen het Gebiedsoverleg te agenderen. Maar ik weet niet alles wat er speelt binnen de andere gemeenten. Vandaar een oproep: voorzie mij tijdig van input, zodat ik kan helpen onze belangen op de agenda te zetten. Deze prachtige regio is van ons allemaal, en we zijn daarmee met alle partners verantwoordelijk voor een duurzame toekomst.’