Terugblik bijdragen wetenschappers op het Kenniscongres Oosterschelde

Stijgende zeespiegel

Sybren Drijfhout, hoogleraar Dynamica van het Klimaat bij de Universiteit Utrecht en als onderzoeker verbonden aan het KNMI, ging in op de stijging van de zeespiegel. Door de opwarming van de aarde smelten de ijskappen op de Zuidpool. In de laatste tien jaar is dat smelten drie keer sneller gegaan dan de tien jaar daarvoor. Het gevolg is dat de zeespiegelstijging versnelt en met meters zal stijgen. Dat gebeurt niet lineair, maar schoksgewijs en met kantelpunten.

Open Oosterschelde

Hoogleraar ecologische waterbouwkunde bij de TU Delft en onderzoeker bij Deltares, Peter Herman, voorspelde dat de Oosterscheldekering in de toekomst tot wel honderd dagen per jaar dicht gaat. Dat zou betekenen dat uiteindelijk alleen een gesloten dam nog mogelijk is. Maar als de kering zo vaak dicht gaat of helemaal sluit, verdwijnt het getij en daarmee de kwaliteit van de Oosterschelde. De deelnemers waren het erover eens dat de Oosterschelde op welke manier dan ook open moet blijven. Tegelijkertijd is er wel een oplossing nodig voor de zandhonger, vonden ze. Nu eroderen de platen en slikken, en komen ze lager te liggen. Met als gevolg dat, zeker bij een stijgende zeespiegel, de belasting op de dijken zal toenemen.

Bewoonde eilanden

Landschapsarchitect en hoogleraar aan de Wageningen University, Adriaan Geuze, denkt in een heel andere richting. Hij schetste een beeld waarbij de Oosterschelde als het ware naar de zeekant toe omklapt. Geuze ziet eilanden voor de Zeeuwse en Nederlandse kust voor zich, met tussenliggend intergetijdengebieden. Eilanden, waar vervolgens ook weer mensen gaan wonen. Het zand voor de kust wil hij gebruiken om de eilanden aan te leggen. Tussen die eilanden en de oorspronkelijke kust ontstaat dan een ‘nieuwe Oosterschelde’.