De delta als proeftuin voor waterveiligheid
In 2025 is een Waterveiligheidsfilosofie opgesteld voor de Zuidwestelijke Delta. Coen Verhoeve, programmamanager Zuidwestelijke Delta: ‘Deze filosofie focust op bestuurders en de invloed die zij kunnen uitoefenen. Technische oplossingen voor waterveiligheid zijn er al volop, maar de uitdaging zit steeds vaker in het maken van integrale afwegingen in een gebied waar de ruimte schaars is. Deze zogenoemde “dijkdruk” maakt dat de waterveiligheidsopgave steeds complexer wordt. Daarom willen we de periode tot 2050 actief benutten om te experimenteren met nieuwe oplossingen. Door nu pilots te starten en ervaring op te doen met innovatieve, multifunctionele waterveiligheidslandschappen kan de Zuidwestelijke Delta uitgroeien tot een proeftuin voor een toekomstbestendige aanpak. Zo ontstaat stap voor stap een bestuurlijke toolbox met beproefde concepten die na 2050 op grotere schaal toepasbaar zijn. Daarbij ligt een kans in het koppelen van geplande dijkversterkingen uit het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) aan andere gebiedsopgaven, zodat meekoppelkansen worden benut en de druk op de ruimte wordt verminderd.’
Meerlaagse veiligheid uitgelegd
Meerlaagsveiligheid (MLV) is een belangrijk concept binnen het waterveiligheidsbeleid. Sinds de introductie in het Nationaal Waterplan in 2009 wordt deze benadering gebruikt om breder te kijken naar verschillende maatregelen om het overstromingsrisico laag te houden. Het concept helpt om waterveiligheid gebiedsgericht te benaderen en risico’s integraal af te wegen.
De meerlaagsveiligheidsbenadering bestaat uit de volgende lagen:
- Waterbewustzijn: De basislaag richt zich op het vergroten van het bewustzijn over de risico’s van wateroverlast en overstromingen.
- Preventie: Gericht op het voorkomen van overstromingen, bijvoorbeeld door sterke dijken, duinen en andere waterkeringen. Dit vormt de basis van ons waterveiligheidssysteem.
- Gevolgbeperking door ruimtelijke inrichting: Richt zich op een duurzame ruimtelijke inrichting waardoor de impact van een overstroming op de gebouwde omgeving wordt beperkt.
- Gevolgbeperking door crisisbeheersing: Deze laag richt zich op een goede voorbereiding op mogelijke overstromingen, bijvoorbeeld door evacuatieplannen en rampenbestrijding.
- Herstel: Het getroffen gebied beter dan voorheen inrichten voor een nieuwe periode van extreem weer.
Van lijnen naar zones
‘In de integrale aanpak voor de komende jaren werken we in het Uitvoeringsprogramma Zuidwestelijke Delta 2050 met focuspunten,’ vertelt Coen. ‘In het focuspunt “Van lijnen naar zones” kijken we naar bredere waterveiligheidszones in plaats van strakke dijklijnen. In zo’n zone is ruimte voor meerdere functies: bescherming tegen overstromingen, maar ook voor natuur, recreatie, landschap en soms zelfs wonen of economische activiteiten. Deze benadering biedt kansen om zo de schaarse ruimte in de delta slimmer te benutten. Tegelijk vraagt dit om een andere manier van samenwerken. Waterveiligheid wordt niet langer alleen langs de dijk opgelost, maar in samenhang met het omliggende gebied. Dat vraagt om ruimte, visie en samenwerking tussen overheden en partners over bestuurlijke grenzen heen, en om bestuurlijke daadkracht om nu al keuzes te maken voor de lange termijn.’
Infographic helpt bij gesprek over meerlaagsveiligheid
Waterschap Hollandse Delta ontwikkelde samen met onder andere gemeenten, Rijkswaterstaat, provincie Zuid-Holland, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond een infographic. Deze laat zien hoe ruimtelijke keuzes kunnen helpen om schade en slachtoffers bij een overstroming te beperken.
Project in beeld: dijkversterking Moerdijk–Drimmelen
Een concreet voorbeeld van deze integrale aanpak is de samenwerking tussen waterschap Brabantse Delta en de Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW) bij de dijkversterking Moerdijk–Drimmelen. Hier werken zij aan een aanpak waarin natuur, waterveiligheid en ruimtelijke kwaliteit samenkomen. Het project sluit aan bij de bredere beweging binnen het HWBP om waterveiligheid sterker te verbinden met ecologische waterkwaliteit en natuur. Ron Nouws, projectmanager bij waterschap Brabantse Delta, ziet hoe de puzzelstukjes in elkaar vallen: ‘Door de natuuropgave en de dijkversterking niet naast elkaar, maar mét elkaar te benaderen, ontstaat meer dan de som der delen. We zien dat we natuurontwikkeling kunnen inzetten om waterveiligheid te versterken en gebiedskwaliteit kunnen toevoegen aan een noodzakelijke dijkversterking. En door de opgaven te combineren maken we uiteindelijk minder kosten dan wanneer we ze afzonderlijk zouden uitvoeren. Voor mij is dit een prachtig voorbeeld van hoe vroegtijdig samenwerken, elkaars expertise benutten en openstaan voor gebiedsbrede kansen leidt tot betere, rijkere oplossingen. Het gesprek met de PAGW brengt nieuwe inzichten, versnelling en energie.’
Initiatief uit de regio: Innovatiezone De Levende Dijk Ouwerkerk
Ook in de regio ontstaan initiatieven waarin waterveiligheid en natuurontwikkeling samenkomen. Een voorbeeld is het initiatief Innovatiezone De Levende Dijk Ouwerkerk van de Kennis Community Oosterschelde. Philip Drontmann, aanjager van het initiatief: ‘De centrale onderzoeksvraag in het project is: kunnen we dijken ontwikkelen die de waterveiligheid borgen en de natuur ondersteunen? De innovatiezone wil een uitnodigende plek zijn waar combinaties van innovatieve ecologische concepten in de praktijk worden getest en zichtbaar gemaakt, van bloemrijke dijken tot kunstmatige riffen en natuurvriendelijke vooroevers. Door verschillende oplossingen samen te brengen, kunnen we onderzoeken welke maatregelen en combinaties daarvan het beste werken in de specifieke omstandigheden van de Zuidwestelijke Delta. Als we echt iets willen veranderen, moeten we niet alleen naar de dijk zelf kijken, maar naar de hele dijkzone, van de vooroever tot de inlaag achter de dijk. Juist daar liggen kansen om waterveiligheid en natuur hand in hand te laten gaan. Door dit soort praktijkexperimenten leren we niet alleen welke oplossingen werken, maar ook wat het vraagt van partijen om samen ruimtelijke projecten te realiseren.’ Het initiatief is inmiddels omarmd en wordt mogelijk gemaakt door tal van partners.
Kennis voor de delta van morgen
Ook kennisinstellingen dragen bij aan het ontwikkelen van nieuwe waterveiligheidsstrategieën en toekomstbestendige oplossingen voor de Zuidwestelijke Delta. Zo onderzoekt het project Geen Zee te Hoog hoe langs de Westerschelde brede, waterkerende landschappen toegepast kunnen worden om de waterveiligheid, achteruitgang van estuariene natuur en toenemende verzilting bij zeespiegelstijging het hoofd te bieden. Tegelijkertijd richt het onderzoeksprogramma Delta Wealth zich op de vraag hoe denkrichtingen ‘open delta’, ‘gesloten delta’, en ‘zeewaartse delta’ kunnen bijdragen aan een veilige, ecologisch gezonde en economisch vitale regio in 2100. Het recent gestarte project Flexible Deltas van Delta Climate Center sluit bij deze projecten aan en zet in op verdere kennisontwikkeling door een unieke, langjarige samenwerking tussen MBO, HBO en WO. Volgens Teun Terpstra, lector aan de HZ University of Applied Sciences, is het belangrijk om deze kennis in samenwerking met de hele onderwijsketen en met de praktijk vorm te geven: ‘De uitdagingen waar de delta voor staat vragen om nieuwe strategieën én het opleiden van toekomstige professionals. Door onderzoek, ontwerp en praktijkervaring samen te brengen, kan de Zuidwestelijke Delta uitgroeien tot een leer-werkomgeving waarin we gezamenlijk oplossingen voor de lange termijn ontwikkelen. Hiervoor is een nauwe samenwerking nodig van onderwijs- en onderzoeksinstellingen met de Zuidwestelijke Delta. Ik zet me hier graag voor in.’
Uitvoeringsprogramma Zuidwestelijke Delta 2050
In het Uitvoeringsprogramma Zuidwestelijke Delta 2050 komen de acties te staan die nodig zijn om samen met de regio toe te werken naar een klimaatbestendige delta. Het Uitvoeringsprogramma wordt in 2026 vastgelegd, samen met de herijking in het Deltaprogramma. Het bevat als onderdelen:
- De herijkte Integrale Voorkeursstrategie Zuidwestelijke Delta inclusief agendering van de langetermijnvisie voor de toekomst.
- Een Uitvoeringsagenda 2027 – 2032 met daarin samenhangende maatregelen met concrete voorstellen. Denk hierbij aan projecten, kansrijke initiatieven, onderzoeken, verkenningen, living labs, (de opschaling van) pilots.
